1. Home
  2. Financiën
  3. Kinderalimentatie berekenen: welke factoren bepalen het bedrag?
Kinderalimentatie berekenen: welke factoren bepalen het bedrag?

Kinderalimentatie berekenen: welke factoren bepalen het bedrag?

6 min lezen

Twee inkomens, twee kinderen en na de scheiding ineens de vraag: welk bedrag is redelijk voor kinderalimentatie? Juist daar ontstaat vaak verwarring. Het bedrag komt namelijk niet uit één simpel rekensommetje, maar uit een vaste methode met meerdere stappen.

Bij kinderalimentatie berekenen draait het in de kern om twee dingen: wat de kinderen nodig hebben, en wat beide ouders kunnen bijdragen. Daarbij tellen ook het kindgebonden budget en de verdeling van zorg mee. Voor minderjarige kinderen geldt deze regeling na een scheiding of uit elkaar gaan, en de onderhoudsplicht loopt door tot 21 jaar.

Welke factoren bepalen het bedrag?

De hoogte van de bijdrage wordt volgens de Tremanormen opgebouwd in vier stappen.

Eerst wordt de behoefte van de kinderen vastgesteld. Daarbij wordt gekeken naar de kosten van de kinderen van voor de scheiding. Hiervoor worden onder meer de Nibud-tabellen gebruikt. In de behoeftetabel van 2024 zijn de percentages voor kinderkosten opgehoogd met 1 tot 2 procentpunt.

Daarna wordt de draagkracht van beide ouders berekend. Dat is het deel van het inkomen dat beschikbaar is om bij te dragen aan de kosten van de kinderen. De Tremanormen werken daarbij met forfaitaire bedragen voor lasten.

Vervolgens wordt de behoefte van de kinderen verdeeld naar rato van de draagkracht van beide ouders. Wie meer draagkracht heeft, draagt in principe een groter deel van de kosten.

Tot slot worden het kindgebonden budget en de zorgkorting verrekend. Daardoor kan het uiteindelijke bedrag lager of anders uitvallen dan je op basis van alleen inkomen zou verwachten.

De behoefte van de kinderen

Een belangrijke factor is de behoefte van het kind. Die behoefte sluit aan bij de kosten voor de scheiding. Het gaat dus niet alleen om een algemeen gemiddeld bedrag, maar om een berekening die aansluit bij de situatie van het gezin.

Voor die stap worden de Nibud-tabellen gebruikt. De bedragen en uitgangspunten zijn jaartalgevoelig. Voor een berekening in 2024 gebruik je dus de behoeftetabel 2024.

Dat is belangrijk, omdat de tabellen kunnen wijzigen. In 2024 zijn de percentages voor de kosten van kinderen verhoogd met 1 tot 2 procentpunt.

De draagkracht van beide ouders

Na de behoefte volgt de draagkracht. Daarbij wordt gekeken naar het netto besteedbaar inkomen van beide ouders. Voor 2024 geldt bij een netto besteedbaar inkomen vanaf €2.065 per maand deze draagkrachtformule:

70% van [NBI – (0,3 x NBI + €1.270)]

Hierin staat NBI voor netto besteedbaar inkomen. Deze formule houdt rekening met forfaitaire lasten. Daardoor wordt niet elk individueel huishouden tot op de euro doorgerekend.

De uitkomst laat zien welk deel van het inkomen beschikbaar is voor een bijdrage in de kosten van de kinderen. Daarna worden de draagkracht van beide ouders naast elkaar gelegd.

Kindgebonden budget telt mee

Een factor die vaak veel invloed heeft op de uitkomst, is het kindgebonden budget. Dat bedrag wordt meegenomen in de berekening.

Voor 2024 is het kindgebonden budget maximaal €2.436 per kind. Daarnaast gelden in 2024 deze verhogingen:

  • €694 voor kinderen van 12 tot en met 15 jaar
  • €924 voor kinderen van 16 tot en met 17 jaar
  • €3.480 voor een alleenstaande ouder

Ook het vermogen kan van belang zijn. Voor 2024 geldt voor box 3 een maximumvermogen van €140.213 voor een alleenstaande en €170.301 voor partners.

Wie een proefberekening wil maken voor deze toeslag, kan terecht bij Belastingdienst/Toeslagen.nl.

Zorgkorting en verdeling van de kosten

Na het bepalen van behoefte en draagkracht wordt bekeken hoe de kosten tussen beide ouders worden verdeeld. Daarbij speelt ook de zorgkorting een rol. Die wordt verrekend in de laatste stap van de berekening, samen met het kindgebonden budget.

Daardoor is het bedrag dat de ene ouder uiteindelijk betaalt niet automatisch gelijk aan zijn of haar aandeel in de totale kosten. De feitelijke zorgverdeling heeft dus invloed op de uitkomst.

Rekenvoorbeeld: zo werkt de berekening in 2024

Een voorbeeld maakt de systematiek concreter. Stel: ouders gaan uit elkaar en hebben twee kinderen van 8 en 10 jaar. Ouder A heeft een netto inkomen van €3.000 per maand. Ouder B heeft een netto inkomen van €2.000 per maand. We rekenen met de uitgangspunten van 2024.

Stap 1: behoefte van de kinderen bepalen

De eerste stap is het vaststellen van de behoefte van de twee kinderen aan de hand van de Nibud-tabel 2024. Daarbij sluit je aan bij de kosten van de kinderen van voor de scheiding.

Stap 2: draagkracht van ouder A

Voor ouder A met een netto besteedbaar inkomen van €3.000 per maand gebruik je de draagkrachtformule 2024:

70% van [€3.000 – (0,3 x €3.000 + €1.270)]

Eerst de forfaitaire lasten:

0,3 x €3.000 = €900

€900 + €1.270 = €2.170

Dan blijft over:

€3.000 – €2.170 = €830

Daarvan is 70% beschikbaar als draagkracht:

70% van €830 = €581

De draagkracht van ouder A komt in dit voorbeeld dus uit op €581 per maand.

Stap 3: draagkracht van ouder B

Voor ouder B met een netto besteedbaar inkomen van €2.000 per maand is de genoemde formule voor 2024 van toepassing vanaf NBI €2.065. In de systematiek van de Tremanormen wordt ook voor deze ouder de draagkracht berekend, waarna beide uitkomsten met elkaar worden vergeleken om de kosten naar rato te verdelen.

Stap 4: verdeling naar rato en verrekening

Na de berekening van beide draagkrachten wordt de behoefte van de kinderen verdeeld naar rato van wat beide ouders kunnen bijdragen. Daarna worden het kindgebonden budget en de zorgkorting verrekend.

Pas na die laatste stap volgt het uiteindelijke bedrag dat de ene ouder aan de andere betaalt.

Waarom het bedrag later kan veranderen

Kinderalimentatie is geen statisch bedrag. Een belangrijke reden is de jaarlijkse indexering. Alimentatie wordt ieder jaar per 1 januari geïndexeerd.

De indexering bedraagt:

  • 2024: 6,2%
  • 2025: 6,5%

Daardoor kan een eerder vastgesteld bedrag automatisch stijgen. Ook veranderingen in inkomen, zorgverdeling of toeslagen kunnen invloed hebben op de uitkomst van een nieuwe berekening.

Waar kun je dit laten berekenen of controleren?

Voor de vaststelling van kinderalimentatie speelt de rechtbank een rol. Voor het maken of controleren van een berekening kun je terecht bij een advocaat of mediator.

Algemene informatie staat op Rijksoverheid.nl. Voor een proefberekening van het kindgebonden budget kun je naar Belastingdienst/Toeslagen.nl. Gaat alimentatie niet betaald worden, dan kan het LBIO een rol spelen bij inning. Het LBIO geeft ook informatie over indexering.

Waar let je zelf op bij een berekening?

Wie zelf naar de uitkomst kijkt, doet er goed aan om steeds op het juiste jaar te letten. Voor 2024 gelden andere cijfers dan voor 2025 of 2026. Dat zie je bijvoorbeeld terug in de indexering en in het kindgebonden budget.

Ook de volgorde van de berekening doet ertoe. Eerst de behoefte, daarna de draagkracht van beide ouders, vervolgens de verdeling naar rato, en pas daarna de verrekening van kindgebonden budget en zorgkorting.

Dit artikel is informatief en geen persoonlijk financieel advies. Raadpleeg voor jouw situatie een onafhankelijk adviseur.

FAQ

Hoe wordt kinderalimentatie berekend?

Volgens de Tremanormen in vier stappen: behoefte van de kinderen vaststellen, draagkracht van beide ouders berekenen, de kosten naar rato verdelen en daarna kindgebonden budget en zorgkorting verrekenen.

Welke inkomens tellen mee bij kinderalimentatie?

Bij de draagkracht wordt gekeken naar het netto besteedbaar inkomen van beide ouders.

Telt het kindgebonden budget mee?

Ja. Het kindgebonden budget wordt meegenomen in de berekening en verrekend in een latere stap.

Verandert kinderalimentatie elk jaar?

Ja. Alimentatie wordt jaarlijks per 1 januari geïndexeerd. De indexering is 6,2% voor 2024 en 6,5% voor 2025.

Tot welke leeftijd ben je onderhoudsplichtig?

De onderhoudsplicht geldt tot 21 jaar.

Waar kan ik een berekening laten controleren?

Dat kan via een advocaat of mediator. Voor algemene informatie kun je ook kijken op Rijksoverheid.nl, Belastingdienst/Toeslagen.nl en het LBIO.