Een paar bonnetjes, een overzicht van je zorgverzekeraar en een aangifte die nog openstaat. Dan blijkt al snel dat zorgkosten aftrekken minder simpel is dan het lijkt. Toch kan het de moeite waard zijn, want als je in 2026 medische uitgaven zelf hebt betaald en die niet vergoed kreeg, mag je een deel daarvan mogelijk opgeven bij je aangifte inkomstenbelasting.
De kern is eenvoudig: niet elke zorguitgave telt mee, er geldt een drempel en bij een lager inkomen kan een verhoging van specifieke zorgkosten het aftrekbare bedrag groter maken. Juist op dat laatste punt laten mensen geld liggen.
Dit artikel is informatief en geen persoonlijk financieel advies. Raadpleeg voor jouw situatie een onafhankelijk adviseur.
Wanneer kun je zorgkosten aftrekken?
De aftrek geldt voor niet-vergoede zorgkosten. Je kijkt daarbij naar uitgaven voor jezelf, je fiscale partner en minderjarige kinderen. Ook kosten voor kinderen tot 27 jaar die die kosten niet zelf kunnen betalen, kunnen meetellen. Dat geldt ook voor een ernstig gehandicapt kind ouder dan 27 jaar en voor anderen in je huishouden, zoals een ouder, broer of zus die van jouw zorg afhankelijk is. Ook kwalificerende buitenlandse belastingplichtigen kunnen hiermee te maken krijgen.
De aangifte loopt via Belastingdienst.nl of in Mijn Belastingdienst. Voor je aangifte inkomstenbelasting over 2026 geldt als uiterste datum 1 mei 2027.
Zo werkt de aftrek in 2026
In de praktijk verloopt het in vijf stappen.
Eerst verzamel je alle medische uitgaven die je zelf hebt betaald en die niet zijn vergoed.
Daarna bereken je het drempelbedrag. Dat hangt in 2026 af van je drempelinkomen en van je gezinssituatie, bijvoorbeeld of je een fiscale partner hebt. In de online aangifte wordt dit automatisch berekend.
Vervolgens trek je die drempel af van je totale niet-vergoede zorguitgaven.
Alleen het bedrag boven die grens is aftrekbaar.
Tot slot vul je dit in bij je aangifte inkomstenbelasting onder Aftrekposten en daarna Zorgkosten.
De drempel in 2026
Voor 2026 geldt een minimale drempel van €166. De grens is inkomensafhankelijk en kan voor een modaal inkomen oplopen tot ongeveer €840. De berekening is gebaseerd op je drempelinkomen, dat bestaat uit het totaal van inkomsten en aftrekposten in box 1, 2 en 3, zonder persoonsgebonden aftrek.
Dat betekent dat twee huishoudens met dezelfde zorguitgaven toch op een ander aftrekbaar bedrag kunnen uitkomen.
Extra verhoging bij laag inkomen
Hier zit in 2026 een belangrijk voordeel. Voor bepaalde specifieke zorgkosten geldt een verhoging als je inkomen onder een grens blijft. Die inkomensgrens is in 2026 €41.123. In 2025 was dat €40.502.
Ben je op 1 januari jonger dan de AOW-leeftijd, dan geldt een verhoging van 40 procent. Ben je AOW-gerechtigd, dan is die verhoging 113 procent.
Die opslag geldt in 2026 voor deze uitgaven:
- medicijnen
- hulpmiddelen
- vervoer
- kleding en beddengoed
- extra gezinshulp
- dieetkosten
Belangrijk is de volgorde. Je past eerst die verhoging toe op de kosten die daarvoor in aanmerking komen. Daarna bereken je pas wat boven de drempel uitkomt.
Voor AOW-gerechtigden verandert deze regeling na 2026. Daarnaast overweegt het kabinet sinds april 2026 om de fiscale aftrek van specifieke zorgkosten af te schaffen. Voor de aangifte over 2026 gelden de regels hierboven.
Welke medische kosten mag je opgeven?
De regeling werkt niet met een simpele lijst van alles wat onder zorg valt. Wel is duidelijk dat sommige posten onder de specifieke zorgkosten vallen, als ze niet zijn vergoed en aan de voorwaarden voldoen.
In 2026 gaat het in elk geval om kosten zoals medicijnen, hulpmiddelen, vervoer, kleding en beddengoed, extra gezinshulp en dieetkosten. Voor diëten gelden vaste aftrekbare bedragen. De dieetlijst is voor 2026 aangepast. Een concreet voorbeeld is een energieverrijkt of eiwitverrijkt dieet, waarvoor in 2026 een vast bedrag van €650 geldt.
Bij deze posten is het extra belangrijk om bewijs te bewaren, zoals rekeningen, bonnetjes en overzichten van de zorgverzekeraar.
Welke uitgaven tellen juist niet mee?
Hier gaat het vaak mis. Niet elke medische rekening levert een aftrekpost op.
Deze kosten mag je in 2026 in elk geval niet opvoeren:
- kosten die onder het eigen risico of een eigen bijdrage vallen
- kosten die al vergoed zijn of vergoed kunnen worden
- niet-gecontracteerde zorg die onder het basispakket valt
- kosten zonder medische noodzaak of voorschrift
- premies voor de basisverzekering of aanvullende zorgverzekering
- uitgaven voor IVF-behandeling vanaf 43 jaar
- uitgaven voor de eerste twee IVF-behandelingen waarbij meer dan één embryo is teruggeplaatst, als de vrouw jonger is dan 38 jaar
Dat laatste laat zien dat je niet alleen naar de soort behandeling moet kijken, maar ook naar de precieze voorwaarden.
Rekenvoorbeeld 1, eenvoudige situatie
Stel, je hebt in 2026 geen fiscale partner en een drempelinkomen van €25.000. Je totale niet-vergoede zorgkosten zijn €500.
In dit voorbeeld nemen we de minimale drempel van €166.
Dan is de berekening:
€500 aan zorgkosten
min €166 drempel
is €334 aftrekbaar
Je kunt in dit voorbeeld dus €334 opvoeren bij je aangifte.
Rekenvoorbeeld 2, met verhoging van specifieke zorgkosten
Een tweede voorbeeld maakt duidelijk hoe de verhoging werkt.
Persoon B is AOW-gerechtigd, heeft geen fiscale partner en een drempelinkomen van €15.000. De totale niet-vergoede zorgkosten zijn €500. Daarvan is €200 aan medicijnen. Voor die medicijnen geldt in 2026 de verhoging van 113 procent.
De berekening in dit voorbeeld:
€200 medicijnen x 2,13 = €426
€300 overige kosten + €426 verhoogde medicijnen = €726 totale verhoogde kosten
min €166 minimale drempel
is €560 aftrekbaar
Door de verhoging komt het aftrekbare bedrag hier dus uit op €560 in plaats van €334.
Dit is wel een vereenvoudigd voorbeeld met de minimale drempel. In de praktijk hangt die grens af van je inkomen en gezinssituatie.
Tegemoetkoming specifieke zorgkosten
Naast de aftrek speelt in 2026 ook de tegemoetkoming specifieke zorgkosten. Daarbij geldt een bedrag van meer dan €18.
Veelgemaakte fouten bij de aangifte
Een fout is snel gemaakt, zeker als je meerdere soorten zorguitgaven hebt. Dit zijn missers die vaak terugkomen.
- De verhoging voor specifieke zorgkosten bij een lager inkomen vergeten.
- Geen rekeningen, bonnetjes of verzekeringsoverzichten bewaren.
- Uitgaven aftrekken die onder eigen risico of eigen bijdrage vallen.
- Vergoede kosten toch meenemen.
- Kosten opvoeren zonder medische noodzaak of voorschrift.
Bewaar je stukken vijf jaar. Dat maakt het veel makkelijker als je later iets moet onderbouwen.
Praktische aanpak voor je aangifte
Wie dit goed wil aanpakken, kan het beste eerst alle niet-vergoede uitgaven verzamelen. Zet daarna apart welke kosten in aanmerking komen voor de verhoging van 40 procent of 113 procent. Controleer vervolgens je drempelinkomen en laat in Mijn Belastingdienst de drempel berekenen. Pas daarna vul je de bedragen in onder de zorgkosten bij de aftrekposten.
Vooral bij dieetkosten is het verstandig om goed te kijken naar de vaste bedragen die voor 2026 gelden, omdat die lijst is aangepast.
FAQ
Welke zorgkosten zijn aftrekbaar in 2026?
Niet-vergoede specifieke zorgkosten kunnen aftrekbaar zijn, zoals medicijnen, hulpmiddelen, vervoer, kleding en beddengoed, extra gezinshulp en dieetkosten, als ze aan de voorwaarden voldoen.
Hoe hoog is de drempel voor zorgkosten in 2026?
De minimale drempel is €166 in 2026. Het uiteindelijke bedrag hangt af van je drempelinkomen en gezinssituatie en kan oplopen tot ongeveer €840 bij een modaal inkomen.
Mag ik zorgverzekeringspremie aftrekken?
Nee, premies voor de basisverzekering en aanvullende zorgverzekering zijn in 2026 niet aftrekbaar.
Wanneer krijg ik de verhoging van specifieke zorgkosten?
Bij een inkomen tot €41.123 in 2026. De verhoging is 40 procent als je op 1 januari jonger bent dan de AOW-leeftijd en 113 procent als je AOW-gerechtigd bent.
Waar vul ik medische kosten in bij de belastingaangifte?
In Mijn Belastingdienst of via Belastingdienst.nl, onder Aftrekposten en daarna Zorgkosten.
Tot wanneer kan ik deze kosten over 2026 opgeven?
De aangifte inkomstenbelasting over 2026 moet uiterlijk 1 mei 2027 binnen zijn.



