1. Home
  2. Onderwerpen
  3. Belasting
  4. BPM berekenen bij import of aankoop: zo werkt de belasting op personenauto’s
BPM berekenen bij import of aankoop: zo werkt de belasting op personenauto’s

BPM berekenen bij import of aankoop: zo werkt de belasting op personenauto’s

6 min lezen

Een auto uit Duitsland halen, of in Nederland een personenauto kopen, lijkt vaak vooral een kwestie van prijs vergelijken. Tot de BPM in beeld komt. Dan telt niet alleen de aankoopprijs, maar ook de CO2-uitstoot, het type aandrijving en bij import de afschrijving van de auto mee.

Juist daar gaat het vaak mis. Een benzineauto met 130 g/km CO2-uitstoot komt in 2026 bijvoorbeeld uit op € 8.157 aan BPM. Bij een gebruikte importauto met dezelfde oorspronkelijke bruto-BPM kan dat, na afschrijving, dalen naar € 3.997. Het verschil zit dus niet alleen in de auto, maar vooral in de manier van rekenen.

Wanneer je BPM betaalt

Deze belasting geldt voor iedereen die een personenauto of motor koopt of importeert in Nederland. Dat geldt ook voor ondernemers die personenauto’s en motorrijwielen aanschaffen of invoeren.

Bij volledig elektrische auto’s werkt het anders. Die betalen in 2026 alleen de vaste voet van € 687. Dat is belangrijk, want veel mensen denken nog dat een elektrische auto volledig is vrijgesteld. Dat is sinds 2025 niet meer zo.

Voor plug-in hybrides geldt sinds 1 januari 2025 geen eigen tarief meer. De korting van 25% voor plug-in hybrides vervalt in 2026.

Ook relevant bij aankoop of import van een bestelauto: de vrijstelling voor bestelauto’s van ondernemers is afgeschaft per 1 januari 2025.

Zo werkt de berekening

In de basis bestaat de heffing uit een vaste voet en een variabel deel op basis van CO2-uitstoot. Voor gebruikte auto’s komt daar nog een afschrijvingskorting bovenop.

De kernformule is:

Bruto BPM = vaste voet + (CO2-uitstoot – drempel) × tarief per gram CO2

Voor dieselauto’s kan daar nog een extra bedrag bijkomen:

Dieseltoeslag = (CO2-uitstoot – 70) × € 114,83, als de uitstoot hoger is dan 70 g/km in 2026

Bij een gebruikte auto reken je daarna verder met de rest-BPM:

Rest-BPM = bruto BPM – afschrijvingskorting

Die afschrijvingskorting kun je bepalen via een forfaitaire tabel, een koerslijst of een taxatierapport.

De stappen bij import of aankoop

De praktische route is vrij rechttoe rechtaan, maar de details maken het verschil.

Eerst komt bij import de RDW-keuring van het motorrijtuig. Daarna bepaal je de CO2-uitstoot. Sinds 1 juli 2020 gebeurt dat via de WLTP-methode. Vervolgens zoek je de netto-catalogusprijs op, dus zonder BPM en zonder btw.

Daarna bereken je de bruto-BPM met de actuele tarieven. Bij een gebruikte auto pas je vervolgens een afschrijvingskorting toe. Tot slot doe je aangifte bij de Belastingdienst.

De volgorde is belangrijk: aangifte BPM doe je na de RDW-keuring en vóór de aanvraag van het Nederlandse kenteken. Het kenteken wordt pas afgegeven na betaling van de BPM.

Wat verandert in 2026

Voor wie een auto koopt of importeert, zijn de regels in 2026 op meerdere punten aangescherpt.

De CO2-schijfgrenzen zijn in 2026 met 1,55% verlaagd ten opzichte van 2025. Tegelijk zijn de schijftarieven per gram CO2 met 1,57% gestegen. Ook de dieseltoeslag stijgt met 1,57%.

De vaste voet komt in 2026 uit op € 687. Voor gebruikte auto’s is de afschrijving in de eerste 12 maanden steiler. Daarnaast wordt de bewijslast bij gebruik van een koerslijst of taxatie aangescherpt.

Dat betekent in de praktijk twee dingen. Nieuwe auto’s met dezelfde uitstoot kunnen sneller in een hogere belastingdruk vallen. En bij gebruikte import wordt het nog belangrijker om je afschrijvingsmethode goed te onderbouwen.

Rekenvoorbeeld: nieuwe benzineauto

Neem een nieuwe benzineauto met een WLTP-uitstoot van 130 g/km in 2026.

Deze auto valt in de schijf van 100 tot en met 139 g/km. De berekening volgens de tabel van de Belastingdienst voor 2026 is:

BPM = € 2.727 + (130 – 100) × € 181

Dat wordt:

BPM = € 2.727 + 30 × € 181
BPM = € 2.727 + € 5.430
BPM = € 8.157

De te betalen BPM is dus € 8.157 in 2026.

Dit voorbeeld laat goed zien dat de heffing niet lineair voelt als je alleen naar de totaalprijs van de auto kijkt. De uitstoot bepaalt een groot deel van het bedrag.

Rekenvoorbeeld: gebruikte benzineauto importeren

Bij een gebruikte importauto kijk je niet alleen naar de oorspronkelijke bruto-heffing, maar ook naar de afschrijving.

Neem een gebruikte benzineauto waarvan de bruto-BPM oorspronkelijk € 8.157 is. De auto is 36 maanden oud, dus 3 jaar. In dit voorbeeld gebruik je de forfaitaire tabel met een afschrijving van circa 51%.

De berekening wordt dan:

Rest-BPM = € 8.157 × (1 – 0,51)
Rest-BPM = € 8.157 × 0,49
Rest-BPM = € 3.997

De te betalen rest-BPM komt daarmee uit op € 3.997 in 2026.

Dit is precies waarom de keuze van de afschrijvingsmethode veel uitmaakt. Wie alleen snel een standaardberekening gebruikt, kan een ongunstige uitkomst krijgen.

Diesel, elektrisch en plug-in hybride

Niet elke aandrijflijn wordt hetzelfde behandeld.

Bij dieselauto’s moet je extra opletten op de dieseltoeslag. In 2026 bedraagt die € 114,83 per gram CO2 boven 70 g/km. De drempel ligt dus op 70 gram per kilometer. Vergeet je die toeslag mee te nemen, dan kom je al snel te laag uit in je berekening.

Volledig elektrische auto’s betalen in 2026 alleen de vaste voet van € 687. Dat is meteen ook het minimumtarief voor emissievrije voertuigen.

Voor plug-in hybrides geldt geen apart tarief meer sinds 1 januari 2025. Daardoor moet je bij aankoop of import van een PHEV niet meer uitgaan van een eigen kortingsregeling.

Waar het vaak fout gaat

Een paar fouten zie je steeds terug.

De eerste is verwarring tussen NEDC en WLTP. Voor de CO2-waarde moet je sinds 1 juli 2020 uitgaan van WLTP. Gebruik je de verkeerde meetmethode, dan klopt je hele berekening niet meer.

De tweede fout is dat mensen bij een gebruikte auto niet de gunstigste afschrijvingsmethode kiezen. Je kunt werken met een forfaitaire tabel, koerslijst of taxatie. Welke methode het beste uitpakt, verschilt per auto.

De derde fout zit in de onderbouwing. Vanaf 2026 is de bewijslast bij koerslijsten en taxaties aangescherpt. Een berekening zonder stevige onderbouwing kan dus problemen geven.

En dan is er nog de gedachte dat een elektrische auto geen BPM meer kent. Voor emissievrije voertuigen geldt in 2026 juist wel de vaste voet van € 687.

Praktisch regelen

Voor de officiële afhandeling kom je uit bij twee instanties.

De RDW is relevant voor de keuring van het motorrijtuig en voor de voertuiggegevens, waaronder de CO2-uitstoot. De Belastingdienst gebruik je voor de aangifte BPM en de bijbehorende formulieren.

Er geldt ook een regeling voor kortstondig gebruik. De vrijstelling daarvoor geldt maximaal 2 weken en kan 1 keer per 12 maanden worden gebruikt.

Dit artikel is informatief en geen persoonlijk financieel advies. Raadpleeg voor jouw situatie een onafhankelijk adviseur.

FAQ

Hoe bereken je BPM bij import van een gebruikte auto?

Je begint met de bruto-BPM op basis van de actuele tarieven en past daarna een afschrijvingskorting toe via een forfaitaire tabel, koerslijst of taxatie.

Wanneer betaal je BPM bij import?

Na de RDW-keuring en vóór de aanvraag van een Nederlands kenteken. Het kenteken volgt pas na betaling.

Hoeveel BPM betaal je voor een elektrische auto in 2026?

Voor een volledig elektrische personenauto betaal je in 2026 alleen de vaste voet van € 687.

Geldt voor een plug-in hybride nog een apart BPM-tarief?

Nee. Sinds 1 januari 2025 geldt voor plug-in hybrides geen eigen tarief meer.

Hoe werkt de dieseltoeslag in 2026?

Voor dieselauto’s betaal je in 2026 € 114,83 per gram CO2 boven 70 g/km.

Welke CO2-waarde moet je gebruiken voor de berekening?

Sinds 1 juli 2020 gebruik je de WLTP-methode voor de CO2-uitstoot.